De Walla Walla, Cayuse en Umatilla |
||||
|
|
De taal van De Cayuse stam was een zogenaamde geïsoleerde taal, ofwel er waren geen andere stammen die de taal spraken. Hoewel de Cayuse stam nog steeds bestaat en zij in een reservaat leven, wordt de taal al niet meer gesproken sinds de 19de eeuw. Sommige van de Cayuse spreken nog wel Nez Perce, de taal van een buurstam, waarbij veel Cayuse onderdak zochten tijdens de 19de eeuw. De Cayuse taal zelf heeft weinig sporen achtergelaten. Men vermoed dat het gerelateerd is aan het Mollala, maar dit is waarschijnlijk niet waar, want de gegevens die bestaan over het Mollala, wijzen er niet op dat de taal iets met het Cayuse gemeen zou hebben. De Cayuse leven nu in het “ Confederate tribes of the Umatilla Nation” reservaat, samen met de Umatilla en Walla Walla. Gedurende de laatste 150 jaar zijn deze stammen in elkaar opgegaan. In 1855 sloten de drie stammen een verdrag met elkaar en met de VS. Voordat zij dit verdrag sloten bezaten de gezamenlijke stammen een grondgebied van circa 6.400.000 hectare groot. Het gebied was gelegen in Zuidoost Washington en Noordoost Oregon. De Cayuse leefden ovalen hutten die soms wel 25 meter lang waren. De hutten waren gebouwd van houten palen die bedekt werden met geweven matten. Wanneer de Cayuse begonnen te trekken namen zij alleen de matten mee en lieten de palen staan..
De Umatilla en Walla Walla stammen leefden vooral in de omgeving van de rivier de Columbia en in het gebied van de uitlopers van die rivier. De Cayuse leefden vooral in de omgeving van de bovenstromen van de riviertjes die uitmonden in de Columbia en in de bovenste gedeelten van de rivieren de Tucannon en Touchet. Alle drie de stammen jaagden ten oosten van de Columbia rivier, in de Blue Mountains. Eens telden de drie stammen gezamenlijk meer dan 8.000 zielen. Nu zijn er nog zo’n 2.300 leden van de gezamenlijke stam. Volgens Curtis, waren de Walla Walla een krachtige groep die voornamelijk in de Walla Walla Vallei leefde. Geografisch en taalkundig waren ze verbonden met de Nez Perce en ze spraken het Sahaptin.. Lewis en Clark ontmoetten de Walla Walla en hun Chief “Yelleppit” voor het eerst in Oktober van het jaar 1805. Op dat moment had de expeditie veel haast om bij de Pasific Oceaan te komen en zij bedankten vriendelijk voor een verblijf bij de stam. Wel beloofden de ontdekkers dat ze op de terugweg een nieuw bezoek aan de Chief zouden brengen. Toen de groep in april 1806 opnieuw bij de Walla Walla aankwamen besloten ze even te blijven. Op dat moment leefden de Walla Walla 12 mijlen van de splitsing van de rivieren de Columbia en Snake. Het dorp bestond uit circa 15 hutten en de groep werd erg hartelijk ontvangen. Het bezoek werd vergemakkelijkt door een Shoshone vrouw die de Walla Walla hadden gevangengenomen en die de taal in het Shoshone vertaalde zodat Sacagawea het voor de expeditieleden kon vertalen. De Chief was erg content met het bezoek van de expeditie en met de goederen die zij meebrachten. Om goede wil bij de heren te kweken gaf de Chief, Clark een paard en bevoorrade de expeditie met brandhout en gedroogde vis. In ruil hiervoor ontving de Chief het zwaard van Clark en munitie. Toen de expeditie na een nacht weer wilde vertrekken, haalde de Chief hen over om nog één nacht te blijven. In ruil hiervoor ontvingen de ontdekkers paarden, voedsel kano’s en waardevolle informatie over de reis naar hun volgende doel de Nez Perce. Die avond, arriveerde er een groot gezelschap van Yakima Indianen en samen met hen gaven de Walla Walla een groot feest. In totaal stonden er op een geven moment honderden indianen te dansen op de muziek van de trommels. De Umatilla leefden voornamelijk van de visvangst, jacht, het verzamelen en door te handelen met andere stammen in hun omgeving. Met de komst van het paard werd de stam een stuk mobieler en hierdoor nam de handelsgeest van de Umatilla toe. De Taal die de Umatilla spraken was het Shapatian, gerelateerd aan het nez Perce. Ten tijde van het Bezoek van Lewis en Clark aan de Walla Walla, maakte de Umatilla al deel uit van de stam.
|